EGO
(verschenen op 20 april 2006)

Het ego streeft ernaar zich te onderscheiden van anderen, en is gebaseerd op angst. Veel van ons handelen komt bijvoorbeeld voort uit angst voor tekort, angst om er niet toe te doen of angst om te falen. Hoe meer we ons ego voeden, des te moeilijker wordt het contact te maken met wie we in wezen zijn, ons ‘hoger zelf’. Het hoger zelf voelt zich verbonden met anderen, terwijl het ego zich juist probeert te onderscheiden. Het hoger zelf is gericht op het positieve en zoekt naar win-win situaties, terwijl het ego gericht is op het negatieve en streeft naar winnaars en verliezers. Het ego meent ook dat je iets negatiefs met iets negatiefs kunt compenseren. Net alsof een min met een min een plus maakt. Stel, je kind laat een glas kapot vallen. Als je daarop boos wordt en je kind straft, zijn er alleen maar verliezers. Je kind zal misschien angstig worden of een laag zelfbeeld krijgen. En zelf voel je je er ook meestal rot over als je zo tegen je kind bent uitgevaren, terwijl het niet met opzet een glas heeft laten vallen. Maar als je je kind troost, geef je het de boodschap dat je om hem of haar geeft en krijgt het juist meer zelfvertrouwen. In een maatschappij die gericht is op presteren, op het je onderscheiden van anderen en op aanzien verwerven, is het een hele omslag als je in staat bent het hoger zelf te volgen, waarin iedereen maximaal tot zijn recht komt, zonder dat er sprake is van verliezers.

Schuldgevoel
Veel mensen zullen wel de grote ego’s herkennen: mensen die zich willen onderscheiden van anderen doordat ze er bijvoorbeeld naar streven beter te zijn, ‘gezien’ te worden, of macht naar zich toe te trekken. Maar een ander aspect waaraan je het ego kunt herkennen is minderwaardigheidsgevoel en schuldgevoel. Want ook daarbij is onderscheid tussen jou en de ander de basis. Schuldgevoel kan weer leiden tot het hebben van kritiek op anderen. Stel bijvoorbeeld dat je je schuldig voelt over het feit dat je zelf teveel eet, dan kan je dit afreageren door verwijtend te zijn naar je partner, omdat je vindt dat hij teveel drinkt. Dus je zoekt een afleidingsmanoeuvre, om maar niet geconfronteerd te hoeven worden met je eigen gevoel van falen. Ook hier is sprake van een min toevoegen aan een min, in de hoop dat het dan een plus wordt. Dit soort mechanismen kunnen zeer destructief zijn. Pas als je je eigen patroon door hebt, kun je de focus afhalen van de mindere kanten van je partner. En dit geeft hem juist meer ruimte om aan zijn eigen gedrag te werken dan je kritiek.

In het hier en nu
Vanuit je ego is het heel moeilijk om te genieten van het hier en nu. Meestal maken we ons druk om dingen uit het verleden of om wat er zou kunnen gaan gebeuren in de toekomst. We blijven dan anderen verwijten maken om wat ze ons hebben misdaan en wentelen ons in slachtofferschap, of we zijn alleen maar gericht op succes dat we ooit zouden willen bereiken. Het ego is niet tevreden over het hier en nu en wil meer bereiken. Maar vanuit het hoger zelf zit je op ieder moment in een stroom die aanvoelt als geluk en overvloed. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat er niets meer te verbeteren zou zijn in je leven. Alleen staat dan niet het resultaat voorop, maar juist het genieten van waar je nu zit. Zolang je je niet gelukkig en blij voelt, zit je niet in die stroom. Toch kan ook een mindere periode in je leven heel waardevol voor je zijn. Zie het maar als een les die je krijgt aangereikt om meer bij jezelf te komen. Toen mijn kantoorbaan 5 jaar geleden steeds knellender voor me ging voelen, was ik niet gelukkig. Maar nadat ik naar de signalen had geluisterd en besloten had mijn baan op te zeggen, kwam er direct een nieuwe kans langs om zelfstandig verder te gaan. Ook ziekte of persoonlijk verlies kunnen zo’n voorbeeld zijn, waarin een moeilijke situatie kan worden getransformeerd in persoonlijke groei. Het je bewust zijn van je eigen patronen is al een hele stap. Vraag je dus altijd af of je gedrag bijdraagt aan het gevoel van geluk en welzijn van jezelf en degenen om je heen. Als het antwoord nee is, zoek dan naar alternatieven. En als je daar zelf niet uitkomt, kun je altijd een gesprek aangaan met iemand die bereid is met je mee te denken.