ROUWVERWERKING

(verschenen op 17 februari 2005)

Toen ik in 1995 bij een zwangerschap van 8 weken wegens buikpijn en licht bloedverlies een echo liet maken en toen te horen kreeg dat het vruchtje de grootte had van slechts 5 weken, wisten we dat het niet levensvatbaar was. Daarna brak voor mij een zeer verdrietige periode aan. Ik kreeg 2 weken de tijd voordat het vruchtje er door middel van curettage uit zou worden gehaald, in de hoop dat het er voor die tijd met een natuurlijke miskraam uit zou komen. Ik heb eerst nog geprobeerd door te werken, maar mijn toenmalig afdelingshoofd stuurde me op een gegeven ogenblik naar huis. Ze vond dat ik de tijd moest krijgen om me psychisch voor te bereiden op de miskraam. Ik heb de tijd die ze me gaf heel goed kunnen gebruiken. Ik las boeken over miskramen, vroeggeboortes, kinderen die vlak na hun geboorte kwamen te overlijden en abortus. En ik kon daarbij soms niet ophouden met huilen. Ik had geen idee waar al dat verdriet vandaan kwam. Hoewel we ons erg verheugd hadden op de komst van ons tweede kindje, had ik er voor mijn gevoel nog niet echt contact mee kunnen maken. Maar blijkbaar was er toch sprake van een heel diep oerverdriet. Voor sommigen in mijn omgeving was het niet gemakkelijk om hiermee om te gaan. Mensen waren soms bezorgd om wat ik mezelf op deze manier aandeed, en raadden me dan aan niet zoveel boeken te lezen, me niet zo diep in rouw te dompelen. Ik koos er echter voor het verdriet tot in mijn poriën te voelen. Na de curettage hebben mijn dochtertje en ik dat wat uit de baarmoeder was verwijderd met een eenvoudig ritueel in de tuin begraven. En toen was het ook klaar. Het kindje had een plekje gekregen, we hadden het ook een naam gegeven, en ik kon mijn leven weer oppakken.

Creativiteit
Begin februari gaf Lieneke Schotanus een lezing in Solvitae over het omgaan met emoties. Zelf heeft ze drie van haar vijf kinderen verloren tijdens en vlak na de zwangerschap. Ze vertelde tijdens de lezing hoe diep ze gegaan was in haar emoties, hoe groot de pijn was geweest, haar boosheid, wanhoop, verdriet en schuldgevoel. Ze is er een ander mens door geworden. Niet verbitterd, maar juist rijker. Haar eerste zwangerschap was al vroeg geëindigd in een miskraam, haar tweede zwangerschap gaf haar een gezonde zoon, haar derde zwangerschap bracht een jongetje dat slechts 1 dag geleefd heeft, haar vierde een gezond meisje. Zelf heeft ze het gevoel dat ze vanaf de vijfde en laatste zwangerschap, die eindigde met een doodgeboren, gehandicapt jongetje, een jaar lang niet echt geleefd heeft. Ze was er wel, maar toch eigenlijk ook niet. Juist door zichzelf toe te staan haar emoties volledig te doorvoelen, met alle dieptepunten die daarbij hoorden, kon ze uiteindelijk weer kiezen voor het leven in het licht. Voor Lieneke was creativiteit een heel belangrijke bron van kracht om verder te kunnen gaan. Nadat haar derde kindje in de couveuse had gevochten voor zijn leven maar het niet had gehaald, vroeg ze midden in de nacht in het ziekenhuis om een schaar, potlood en papier. Daarmee knutselde ze een geboortekaartje, waardoor ze deze ondraaglijke nacht door kon komen. Later heeft ze met klei heel veel lege schoten geboetseerd. Uiteindelijk werd haar duidelijk dat haar schoot voortaan leeg zou blijven en daar had ze toen ook vrede mee.

Geen slachtoffer
Het is niet gemakkelijk om je in bepaalde situaties géén slachtoffer te voelen, maar toch heeft Lieneke die keuze heel bewust gemaakt. Wat me heel erg roerde was om te horen hoe ze intuïtief met haar kinderen contact maakte, al tijdens de zwangerschap. Van alle vijf heeft ze ook heel veel geleerd. Door op zoek te gaan naar wat je van iemand gekregen hebt, in plaats van te blijven hangen in het gevoel onrecht aangedaan te krijgen, help je jezelf de rol van slachtoffer te ontstijgen. Tijdens de zwangerschap van haar dochter had ze een droom waarin het meisje haar vertelde dat ze Mirte Irene heette. Zelf hadden Lieneke en haar man een andere naam in gedachten en ze waren niet van plan die te veranderen. De volgende nacht verscheen het meisje weer in haar droom en zei haar duidelijk haar naam. Ze konden er dus niet omheen. Toen het meisje door een longontsteking 10 weken te vroeg geboren werd en daarna ook nog eens een hersenbloeding kreeg, leken haar kansen miniem te zijn. Maar Lieneke had haar in haar dromen als een gezond meisje voor zich gezien. Ze koos er toen voor niet meer te luisteren naar alle ernstige verhalen van de artsen, die voorspelden dat ze gehandicapt zou worden. Lieneke concentreerde zich volledig op het contact met haar dochter. En wonder boven wonder, het meisje is nu goed gezond. Wie meer wil lezen raad ik van harte het prachtige, ontroerende boek 'Herboren' aan dat Lieneke Schotanus in 2000 over haar ervaringen heeft uitgebracht.